Samenvatting

Leeswijzer

Achtergronden

Wet dualisering gemeentebestuur
In de Wet dualisering gemeentebestuur is de rolverdeling tussen raad en college nader uitgewerkt. Daarbij moet de raad zich met name richten op zijn functie als volksvertegenwoordiger. De belangrijkste taken van de raad bestaan uit kaderstellen en controleren. Het college houdt zich bezig met de uitvoering van het beleid en het afleggen van verantwoording hierover. De begroting is wellicht het belangrijkste kaderstellende document.

Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten
In artikel 186 van de Gemeentewet is opgenomen dat “de begroting, de begrotingswijzigingen, de meerjarenraming, het jaarverslag en de jaarrekening voldoen aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te geven regels”. Vanaf het begrotingsjaar 2004 is deze “algemene maatregel van bestuur” het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De voorliggende begroting voldoet aan de gestelde eisen in het BBV.

Programmabegroting
Deze begroting is toegespitst op de ondersteuning van de duale functies van de raad. Dit betekent dat de raad met deze begroting de kaders stelt voor het door het college uit te voeren beleid voor het komende begrotingsjaar. Deze kaders kunnen vervolgens worden gebruikt voor de controle op de uitvoering van dit beleid. Het college legt verantwoording af over het gevoerde beleid in de tussentijdse rapportages en de jaarstukken (de planning- en controlcyclus).

Planning- en controlcyclus (P&C-cyclus)
In het Collegeperspectief 2022 is het beleidskader geformuleerd voor deze raadsperiode. Het Collegeperspectief “Renkum in bloei” geeft voor de periode 2022-2026 de plannen en ambities weer waar het college het initiatief neemt voor nieuw te formuleren beleid of uitvoering. Het Collegeperspectief bestaat uit een vergezicht en tien focuspunten voor de korte termijn.

De Perspectiefnota 2022-2026 geeft op basis van het Collegeperspectief en andere relevante ontwikkelingen, op hoofdlijnen, de richting aan voor de periode 2022-2026. Daarbij zijn de voor-nemens uit het Collegeperspectief geprioriteerd, gefaseerd en voorzien van financiële conse-quenties.
Met het richtinggevend vaststellen van de Perspectiefnota 2022-2026 heeft de raad kaders meegegeven aan het college. Deze kaders zijn leidend geweest bij het opstellen van deze begroting.

Verder is in deze begroting rekening gehouden met de financiële uitkomsten van de tussentijdse rapportages; de Voorjaarsnota 2022 en Najaarsnota 2022.

Met het vaststellen van deze begroting door de raad geeft de raad de opdracht aan het college om binnen deze kaders de uitvoering van de genoemde beleidsvoornemens ter hand te nemen. Vervolgens legt het college in de tussentijdse rapportages (voor-/ najaarsnota) en de jaarstukken verantwoording af over het gevoerde beleid.

Indeling

De indeling van deze begroting is conform de richtlijnen van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Dit houdt in dat de begroting bestaat uit twee delen, namelijk de beleidsbegroting in deel I en de financiële begroting in deel II.

In de beleidsbegroting is per programma’s aangegeven wat we binnen de gemeente willen bereiken, welke activiteiten daarvoor worden uitgevoerd en wat daarvan de kosten zijn.
Daarnaast staan in de paragrafen de beleidslijnen geformuleerd die doorwerken in meerdere programma’s. Hierdoor ontstaat een dwarsdoorsnede van de begroting.

In de financiële begroting worden de financiële consequenties van het voorgenomen beleid op een rij gezet inclusief de afwijkingen ten opzichte van het voorgaande jaar. Tevens komt daar de financiële positie van onze gemeente aan de orde.

In de bijlagen vindt u tot slot een aantal gedetailleerde overzichten met betrekking tot hetgeen in de beleidsbegroting en de financiële begroting is gemeld.

In schema betekent dit dat de begroting als volgt is opgebouwd:

Deze pagina is gebouwd op 10/19/2022 15:19:53 met de export van 10/19/2022 15:12:54